In Ik, mijn rozentuin spreken vier islamitische vrouwen aan de vooravond van een bruiloft met elkaar over liefde en huwelijk. Ze hebben het over de poëtische en humoristische kanten, maar ook over de schaduwzijden van strijd en mishandeling.
De jonge, naïeve Aisha staat op het punt te trouwen met Imran. Ze ziet verlangend uit naar het huwelijk, waarmee ze haar vrijheid tegemoet denkt te treden. De wijze, goedlachse Kaia heeft daar een heel andere kijk op, net als de geest van de overleden Amina en de moderne Malika. Het huwelijk kan mooi zijn, maar ze wijzen ook op het risico de gevangene te worden van je man en zijn familie. Of slachtoffer te worden van jarenlange fysieke en emotionele mishandeling. Aisha raakt gaandeweg in twijfel: moet zij trouwen of moet alles in stelling worden gebracht om het huwelijk te voorkomen?
Moet je als getrouwde vrouw lijdzaam mishandeling ondergaan, of mag je je verweren? Die vraag loopt als een rode draad door het stuk, dat geschreven is op basis van interviews met slachtoffers van huiselijk geweld en met een imam. In de dialogen zijn teksten verwerkt uit de Koran en Hadith (de overleveringen van de Profeet). Deze zijn hoopgevend en bieden vrouwen aanknopingspunten om zich weerbaar op te stellen. Dat wordt in de nabespreking door veel vrouwen uit het publiek als sterk punt naar voren gebracht, omdat de teksten aantonen dat huiselijk geweld ook vanuit de islam niet getolereerd wordt.
Dit project is gefinancierd door het Ministerie van Sociale Zaken.
Productie: Theaterproductiebureau Arpeggio (in opdracht van ACB).
Regie: Patrizia Filia
Auteur: Brigitta Hacham
Acteurs: Brigitta Hacham, Samya Boualam
De actualiteitenrubriek Netwerk heeft een reportage gemaakt over Ik, mijn rozentuin. De reportage is op DVD beschikbaar.
Voor informatie neemt u contact op met Mark Bouman (020 627 9460).